Na losse letters komen woorden. Elk woord hier kun je typen met alleen de acht thuistoetsen van de thuisrij, dus geen vinger hoeft zijn plek te verlaten.
salsa kassa klas
Een woord is moeilijker dan een rijtje letters, want de vingers moeten bewegen in de volgorde van de letters van het woord en je raakt makkelijker je ritme kwijt. Maak je midden in een woord een fout, herstel hem dan niet haastig. Ga langzamer en typ de letter die misging rustig en goed.
De spatiebalk druk je in met een duim, meestal de duim van de hand die vrij is. De duim zweeft boven de balk terwijl de andere vingers op hun thuistoetsen blijven.
Komen deze woorden zonder nadenken, dan is de thuisrij van jou en is het tijd voor de twee extra wijsvingertoetsen.