Delen in delen

Delen is geen aparte vaardigheid, maar een keersom die achterstevoren wordt gevraagd. 56 : 8 betekent ‘acht keer wat is 56’. Als je de tafels kent, komen kleine delingen vanzelf mee.

Splits een groter deeltal in delen die makkelijk te delen zijn:

344 : 8 = 320 : 8 + 24 : 8 = 40 + 3 = 43

Kies een rond veelvoud van de deler dat in het deeltal past: 8 × 40 is 320. De overgebleven 24 : 8 komt zo uit de tafels. Tel de twee quotiënten bij elkaar op.

Het eerste deel hoeft niet het grootst mogelijke te zijn. 344 : 8 kun je net zo goed splitsen als 240 : 8 + 104 : 8, als 240 makkelijker in je opkomt. Dan splits je 104 : 8 ook in delen, 80 : 8 + 24 : 8, en het antwoord is hetzelfde.

Het is hetzelfde idee als vermenigvuldigen in delen, alleen andersom.

Oefenen

Splitsen in delen werkt voor elke deler, maar je wint het meest als de deler één cijfer is en het eerste deel een rond veelvoud ervan. De oefening vraagt alle drie de stappen apart.

Technieken voor hoofdrekenen

Optellen en aftrekken

Vermenigvuldigen

Delen

Controleren

Hoofdrekenen