Snel typen draait niet om snelle vingers. Eén aanslag duurt bij iedereen ongeveer even lang en oefenen verandert daar nauwelijks iets aan. Drie andere dingen veranderen wel, en het grootste deel van de rest van de cursus is om die drie heen gebouwd.
Ten eerste overlappen bewegingen. Als de volgende letter bij de andere hand of een andere vinger hoort, kan die vinger al onderweg zijn terwijl de vorige nog drukt. Twee bewegingen lopen deels tegelijk, en de tijd die je wint, komt uit die overlap. Daarom typ je woorden waarin de handen elkaar afwisselen snel en zijn reeksen met dezelfde vinger traag: bij die laatste valt er niets te overlappen.
Ten tweede aangeleerde reeksen. Een ervaren typist denkt niet aan losse letters, net zoals een muzikant niet aan losse noten denkt. De hand maakt veelvoorkomende letterparen en hele korte woorden als één aangeleerde beweging. Daarom leveren letterparen en veelvoorkomende woorden je meer op dan losse letters oefenen: wat je leert, is geen snellere aanslag maar een reeks die je niet meer in elkaar hoeft te zetten.
Ten derde waar je kijkt. Elke keer dat je ogen van het scherm naar het toetsenbord gaan en terug, verlies je tijd en ook je plek. Daar draait het om bij blind typen: je hoeft nooit een toets te zoeken. Met de handen op de thuisrij ligt elke letter altijd even ver weg en vindt de hand hem zonder te kijken.
Fouten kosten meer dan traagheid. Een fout herstellen duurt een paar keer zo lang als de letter goed typen, want je moet hem opmerken en wissen, en daarna je plek weer vinden. Nauwkeurigheid is dus een voorwaarde voor snelheid, niet het tegenovergestelde ervan.
Wat je kunt verwachten. In het begin groeit de snelheid snel, daarna blijft ze een hele tijd gelijk, en dat is normaal: de hand is bezig reeksen te leren die de klok nog niet laat zien. De winst komt van korte, regelmatige oefensessies, niet van één lange avond. En de grootste winst gaat naar wie zich aan de juiste vingerzetting houdt, ook als een verkeerde vinger op dat moment sneller zou zijn.
Begin je bij nul, start dan bij de thuisrij en werk de lijst op volgorde af. Typ je al en wil je sneller worden, dan heb je het meest aan reeksen met dezelfde vinger, letterparen en veelvoorkomende woorden. De rest van de lessen staat hieronder.